Teams worden steeds diverser. In één organisatie werken mensen met verschillende achtergronden, functies en generaties samen: arbeiders en bedienden, management en operationele krachten, jonge starters en ervaren rotten, mannen en vrouwen, collega’s van verschillende generaties,… Dit biedt enorm veel kansen, maar brengt ook uitdagingen met zich mee.
Hoe kan je ervoor zorgen dat deze verschillen geen obstakel, maar juist een meerwaarde worden? Hoe kan je het zo aanpakken dat iedereen zich gehoord voelt, zichzelf mag, kan én durft zijn en optimaal kan bijdragen?
De grootste uitdagingen
Om de kracht van verschil echt te benutten, moeten we eerst begrijpen waar het vaak misloopt in de samenwerking – dit zijn de 3 grootste spanningsvelden en hoe je ze precies kan ontmijnen en ombuigen naar verbinding.
Uitdaging #1 – Communicatieverschillen: hoe praten we dezelfde taal?
Verschillende groepen communiceren nu eenmaal op andere manieren. Jongere collega’s geven de voorkeur aan snelle berichten via tools zoals WhatsApp of Slack, terwijl oudere collega’s liever werken via e-mail of face-to-face gesprekken voeren. Arbeiders zijn bijvoorbeeld vaak gewend aan zeer directe en taakgerichte communicatie, terwijl bedienden en managers vaker overleggen en plannen.
To do’s:
– Spreek duidelijke verwachtingen uit over de communicatiekanalen die het team wil gebruiken en zorg voor een mix van tools.
– Trainingen en workshops over effectieve communicatie kunnen helpen om heel wat misverstanden binnen het team te ontcijferen en te verminderen.
– Creëer ruimte voor informele momenten zodat collega’s elkaars communicatiestijl beter leren begrijpen.
Uitdaging #2 – Vooroordelen en aannames: hoe breken we stereotypes af?
Iedere groep heeft (onbewuste) vooroordelen over de ander. Jongeren worden soms gezien als lui of ongeduldig en snel afgeleid, terwijl oudere collega’s als ‘niet flexibel’ bestempeld worden. Arbeiders voelen zich soms ondergewaardeerd door bedienden en management, terwijl bedienden denken dat arbeiders niet openstaan voor verandering,… en ga zo maar door.
To do’s:
– Bewustwording is de eerste stap: zorg voor interne communicatie en training rond onbewuste vooroordelen en inclusiviteit.
– Creëer interdisciplinaire teams waarin mensen uit verschillende groepen samenwerken en elkaars sterke punten leren kennen. Ook een buddysysteem kan hierbij een goed idee zijn.
– Stimuleer een cultuur van openheid: laat medewerkers ervaringen delen over hoe zij de samenwerking ervaren en sta open voor feedback.
Uitdaging #3 – Verschillende werkstijlen en verwachtingen: hoe vind je een balans?
Sommige mensen gedijen bij structuur en hiërarchie, terwijl anderen vrijheid en flexibiliteit nodig hebben. Hoe stem je werkprocessen af op al deze behoeften? Arbeiders hebben vaker een vast werkschema “on the job”, terwijl bedienden en managers meer autonoom werken en zelfs van thuis uit aan de slag kunnen. Dit kan tot frustratie leiden als er niet goed op wordt afgestemd.
De ene collega floreert bij structuur en duidelijke richtlijnen, terwijl de ander net energie haalt uit autonomie en flexibiliteit. Ook de aard van het werk speelt mee: waar arbeiders vaak gebonden zijn aan vaste werkuren en fysieke aanwezigheid, genieten bedienden en managers soms van meer vrijheid in hun planning of werkplek. Deze verschillen in werkstijl en verwachtingen kunnen tot misverstanden of frustraties leiden, zeker als er geen aandacht is voor wederzijds begrip voor de verschillende behoefden.
Hoe zorg je ervoor dat iedereen zich gewaardeerd voelt, ondanks – of juist dankzij – die verschillen? En hoe stem je werkprocessen af op verschillende persoonlijke voorkeuren zodat zowel werkgeluk als efficiëntie hand in hand kunnen gaan?
To do’s:
– Definieer samen duidelijke en gedragen afspraken die voor iedereen werkbaar zijn. Zorg ervoor dat iedereen op de hoogte is van de afgesproken regels en verwachtingen. Transparantie creëert vertrouwen: wat helder is, roept minder frustratie op en voorkomt misverstanden of afgunst..
– Geef ruimte aan maatwerk. Niet iedereen hoeft op exact dezelfde manier te werken, zolang de doelstellingen maar behaald worden.
– Maak gebruik van elkaars sterke punten en talenten. Laat de diversiteit in je team voor je werken en vind de planner in je team die zorgt voor structuur, de creatieveling die frisse ideeën aanbrengt en de verbinder die de harmonie in goede banen leidt.
De uitdagingen voorbij: wat werkt wél?
Nu je inzicht hebt in waar het vaak misloopt, is het tijd om te focussen op wat wél werkt. Dit zijn 4 sleutelprincipes die samenwerking verder versterken en het beste halen uit diversiteit.
Tip #1 – Creëer gedeelde doelen en een gezamenlijke missie
Simon Sinek schreef er reeds jaren geleden een boek over: Start with why. Als medewerkers begrijpen waarom ze doen wat ze doen, beïnvloedt dat hun engagement en ontstaat er veel makkelijker een “wij-gevoel”.
Dat ervaren we keer op keer in onze eigen trajecten, zoals bijvoorbeeld bij een Belgische vliegtuigbouwer waar we een team ondersteunden dat vastreed in een “wij versus zij”-dynamiek. Hun kijk op het werk was erg technisch en gefragmenteerd: ze dachten dat hun job bestond uit “gaten boren in metalen platen”.
In andere afdelingen leefde echter een heel ander perspectief. Daar zagen medewerkers hoe hun werk bijdroeg aan het grotere geheel: gezinnen herenigen, mensen op vakantie sturen, dromen waarmaken. Tijdens pauzemomenten keken deze bevlogen teams omhoog naar vliegtuigen in de lucht, nieuwsgierig of het er eentje “van hen” was. Ook zij boorden gaten in metaal, maar zij zagen geen plaat, zij zagen een vliegtuig dat mensen op hun bestemming brengt.
Hoe pak je het aan?
– Zorg ervoor dat de bedrijfsvisie en -doelen helder zijn en verbindend werken.
– Organiseer teamdagen waar iedereen samenwerkt aan een gemeenschappelijk project.
– Benadruk in communicatie steeds de gedeelde missie, in plaats van verschillen te vergroten.
Tip #2 – Stimuleer een cultuur van erkenning en waardering
Waardering is meer dan een schouderklopje. Mensen die zich gewaardeerd voelen, voelen zich mens, ongeacht hun functie, ervaring of achtergrond. Ze durven zich meer openstellen, luisteren met meer empathie en zonder oordeel.
Door actief te luisteren naar elkaar en ervaringen te delen, groeien we in begrip en bouwen we gemakkelijker bruggen naar collega’s. Zo krijg je een cultuur waarin verschillen geen scheidingslijn vormen, maar net aanleiding geven tot nieuwsgierigheid en verbinding.
Hoe pak je het aan?
– Introduceer een ‘shout-out’-systeem waarin collega’s elkaar waardering kunnen geven.
– Zorg dat successen op álle niveaus worden gevierd, niet alleen op managementniveau.
– Beloon inzet en prestaties op een manier die bij verschillende generaties en functiegroepen past.
Tip #3 – Creëer fysieke en mentale ontmoetingsruimtes
Echte samenwerking begint bij echte ontmoeting. Wanneer mensen elkaar beter leren kennen, ontstaat er spontaan meer verbinding en betere samenwerking. Natuurlijk gebeurt dit deels tijdens het werk zelf, maar de het proces komt vaak in een stroomversnelling bij informele momenten waarin mensen elkaar kunnen ontmoeten los van hun functietitel.
Ook mentale ontmoetingsruimte is essentieel. Dat betekent: tijd en veiligheid om in gesprek te kunnen gaan over uitdagingen, ervaringen of verwachtingen. Een inclusieve werkcultuur vraagt dus niet alleen om structuren, maar ook om plekken en momenten waar de verbinding kan groeien. En dat kan dus gerust heel laagdrempelig zijn. Zo wordt een gedeelde lunch, een spontaan gesprek aan het koffieapparaat, of een openhartige babbel tijdens een teamdag een heuse hefboom voor inclusie.
Hoe pak je het aan?
– Richt werkplekken zo in dat verschillende teams elkaar spontaan kunnen tegenkomen en met elkaar in gesprek gaan.
– Organiseer informele momenten, zoals gezamenlijke lunches of koffiemomenten.
– Bied ‘safe spaces’ aan waar werknemers open over uitdagingen en verbeterpunten kunnen praten.
Tip #4 – Inclusieve besluitvorming
Wanneer mensen de kans krijgen om mee na te denken en hun stem te laten horen, voelen ze zich meer verbonden met het grotere geheel en met elkaar. Door daarbij bewust ruimte te maken voor verschillende perspectieven, over functies, generaties, rollen en achtergronden heen, kan je silo’s te doorbreken en de kloof tussen “zij” en “wij” verkleinen.
Participatie is een gouden sleutel als het gaat om inclusief samenwerken, aangezien het niet alleen voor betere beslissingen zorgt, maar ook voor meer draagvlak, motivatie en eigenaarschap. Want wie mag meebouwen, voelt zich nu eenmaal mee verantwoordelijk.
Hoe pak je het aan?
– Betrek medewerkers uit verschillende lagen en achtergronden bij beslissingen.
– Organiseer regelmatige ‘luistersessies’ waarin medewerkers hun input kunnen geven.
– Maak transparant hoe beslissingen tot stand komen en waarom bepaalde keuzes gemaakt worden.
Samen bouwen aan een sterkere werkvloer
Diversiteit in een team is geen obstakel, maar een kans op innovatie, groei en een betere werksfeer. Door bewust in te zetten op samenwerking, inclusie en het benutten van elkaars sterktes, bouwen we aan een werkvloer waarop iedereen zich welkom én gewaardeerd voelt.
Dat wordt trouwens ook bevestigd door onderzoek. Zo toonde Boston Consulting Group aan dat bedrijven met meer managementdiversiteit maar liefst 19% meer omzet uit innovatie halen. McKinsey benadrukte dat diversiteit in leiderschap niet alleen financiële voordelen biedt, maar ook bijdraagt aan geïntegreerde groei, sociale impact en meer tevreden werknemers.
Daarnaast blijkt uit een studie van de Harvard Business Review bovendien dat teams met cognitieve diversiteit complexe problemen sneller en effectiever oplossen, doordat verschillende perspectieven blinde vlekken verkleinen en de kwaliteit van besluitvorming verbeteren. En nog volgens Cloverpop zijn beslissingen genomen door diverse teams in 87% van de gevallen beter dan die van individuen alleen.
Met de inzichten en tips in dit artikel kun je de samenwerking tussen diverse collega’s verder versterken en de meerwaarde ontgrendelen. Samen maken we de werkvloer sterker én inclusiever.